|
||||||
Zijn BoodschapBhagavad-gita, Srimad BhagavatamVan al zijn verschillende bijdragen beschouwde Srila Prabhupada zijn boeken als de belangrijkste. In 1970 stichtte Srila Prabhupada de Bhaktivedanta Book Trust (BBT), nu ‘s werelds grootste uitgeverij van vedische literatuur. Dankzij haar inzet over de laatste 25 jaar, hebben miljoenen mensen ten minste één van Srila Prabhupada’s boeken ontvangen en daardoor een ware verrijking in hun leven ervaren. Hier volgt een korte uiteenzetting van de kennis uit deze boeken. Srila Prabhupada´s boeken richten zich op het belang van de menselijke levensvorm. Er zijn vele levensvormen op deze planeet. Bewegingsloze, zoals bomen en planten, en bewegende, zoals vissen, insecten, vogels en zoogdieren. Onze menselijke levensvorm maakt eveneens deel uit van deze verschillende levensvormen, maar zelfs een vluchtig waarnemer zal moeten toegeven dat wij uitgerust zijn met ongeëvenaarde eigenschappen die ons onderscheiden van alle andere levensvormen. Wat zijn die eigenschappen precies? Maar wat maakt ons bewustzijn dan zo verschillend van dat van een insect, vogel, viervoeter, of zelfs van een aap? Deze wezens eten, slapen, planten zich voort en verdedigen zichzelf, en dat doen wij ook allemaal. Dat wij deze functies op een veel geraffineerdere wijze kunnen vervullen kan een aanwijzing zijn dat we een hoger bewustzijn bezitten, maar het verklaart niet afdoende waarom wij boven alle andere levensvormen staan. Een betere verklaring is ons vermogen om navraag te doen naar ons bestaan, over onszelf te kunnen nadenken en te kunnen informeren naar onze eigen aard en die van God. We kunnen talen creëren, over het doel van het leven nadenken en ons verwonderen bij het aanschouwen van de nachtelijke hemel. Andere levensvormen missen dit talent. De veda´s raden ons daarom aan om in deze menselijke levensvorm nieuwsgierig te zijn naar wie we zijn, wat het universum is, wie God is en wat het verband is tussen onszelf, het universum en God. We dienen navraag te doen naar de oplossing voor de uiteindelijke problemen van het leven, namelijk geboorte, ziekte, ouderdom en dood. Katten en honden kunnen zich dergelijke vragen niet stellen, maar ze horen wel op te komen in het hart van een mens. Srila Prabhupada´s boeken onthullen de volmaakte kennis van de veda´s. Omdat we allemaal onvolmaakte zintuigen hebben en de neiging om fouten te maken, kunnen onze relatieve meningen over zaken die buiten ons bereik liggen ons niet voorzien van geldige of betrouwbare informatie. Vandaar dat onze pogingen om zulke zaken empirisch te benaderen altijd onvolkomen zijn en uiteindelijk falen. Zogenaamde waarheden die uitsluitend gegrond zijn in mentale speculatie kunnen ons dus niet helpen de Allerhoogste Waarheid te begrijpen, die Zich buiten het bereik van onze onvolmaakte zintuigen bevindt. De veda’s leggen uit dat als we iets willen weten over zaken die buiten ons ervaringsgebied liggen -buiten de begrenzingen van onze waarneming- we moeten luisteren naar iemand die de waarheid kent. De transcendentale kennis van de veda´s werd als eerste gesproken door de Allerhoogste Heer Zelf. De Heer, het allermachtigste wezen, kan niet onder de invloed komen van een andere macht. De logische consequentie daarvan is dat Zijn kennis volmaakt is en iedereen die deze kennis zonder veranderingen doorgeeft, geeft dezelfde volmaakte kennis. We hoeven deze stelling slechts theoretisch te aanvaarden om vooruitgang te maken in ons begrip van de vedische gedachtegang. Het idee is dat volmaakte kennis uit de veda´s door de tijd heen bewaard gebleven is dankzij doorgave in een ononderbroken opeenvolging van spirituele leraren. Srila Prabhupada vertegenwoordigt zo´n opeenvolging. Deze opeenvolging gaat duizenden jaren terug, tot op Heer Krishna Zelf. De kennis die u aantreft in de boeken van Srila Prabhupada verschilt dus niet van wat oorspronkelijk door de Allerhoogste Heer Zelf gegeven is. Srila Prabhupada fabriceerde geen ‘waarheden’. Hij presenteerde slechts het tijdloze onderricht van de oorspronkelijke veda´s zonder er iets aan toe te voegen, uit weg te laten of aan te veranderen. Srila Prabhupada´s boeken worden met name vertegenwoordigd door drie vedische teksten -Bhagavad-gita, Srimad Bhagavatam en Sri Caitanya-caritamrita. Tezamen omvatten deze literaire werken meer dan 25 delen van nauwgezette informatie die de oorspronkelijk vedische wetenschap van godsrealisatie vormt (Bhagavata-dharma). Hun vertaling naar het Engels en de uitgebreide betekenisverklaringen zijn Srila Prabhupada´s belangrijkste bijdragen aan het geestelijke, intellectuele en culturele leven van deze wereld. Srila Prabhupada’s boeken vertegenwoordigen een universele wetenschap van godsrealisatie. Srila Prabhupada’s boeken leggen het verschil uit tussen het lichaam en het zelf. Desondanks blijft het idee dat het afgelopen is met het zelf als het lichaam sterft een van de belangrijkste standpunten in de moderne, materialistische opvattingen, en de meeste van ons zijn van kinds af aan opgevoed om onszelf volgens deze opvattingen te beschouwen. Maar weinigen van ons hebben de filosofische gebreken van deze gedachtegang, die ons onbewust naar een op leegte gebaseerde levensstijl stuurt, echt goed doordacht. Het meest fundamentele vedische onderricht staat lijnrecht tegenover de moderne wetenschappelijke opvattingen van bewustzijn en leven. Volgens dit onderricht is het individuele bewustzijn niet afhankelijk van neurobiologische functies, maar bestaat het permanent als een onafhankelijke realiteit. In het lichaam is een bewuste waarnemer aanwezig die deze positie, ongeacht mentale en lichamelijke veranderingen, niet verlaat. Dit duidt op het bestaan van twee energieën: de geestelijke energie (het bewuste zelf) en de materiële energie (het tijdelijke lichaam). De veda´s leggen uit dat de geestelijke energie, waar bewustzijn het symptoom van is, blijft bestaan zelfs nadat het lichaam gestorven is. Als ieder van ons een eeuwige ziel is die slechts verhuld wordt door verschillende en tijdelijke lichamelijke gewaden, kunnen we redelijkerwijs concluderen dat de grootste welvaartsactiviteit voor de gehele samenleving datgene is wat ons doet ontwaken tot onze ware geestelijke identiteit en onze sluimerende relatie met God. Dit wordt Krishna-bewustzijn genoemd. Humanitaire inspanning die gericht is op het verbeteren van de omstandigheden voor het tijdelijke materiële lichaam, dat uiteindelijk voorbestemd is oud en ziek te worden en te sterven, is net zo nutteloos en roemloos als het redden van de kleding van iemand die verdrinkt. In het Srimad Bhagavatam merkt Srila Prabhupada zelf op
|
||||||
|
Copyright © 2010 Hare krishna.nl - All Rights Reserved |
||||||